Wielrenners Thomas Dekker en Michael B. vervelen zich de avond voor de start van de Tour de France in Londen. Ze trekken een fles wijn open. Drank is lekker, vinden ze, maar vrouwen zijn lekkerder. Dekker zoekt op internet een paar escorts.

Ik citeer uit het boek ‘Mijn Gevecht’ van Dekker en Thijs Zonneveld: ‘Om één uur ‘s nachts staan er een paar Oost-Europese hoeren voor de deur van onze kamer. We kiezen er allebei een uit. Om een uur of drie gaan we slapen. Om zes uur gaat de wekker alweer.’

Thomas Dekker vertelde dit fragment afgelopen week in DWDD. Ik wist niet wat ik hoorde. Ook Erben Wennemars, Matthijs van Nieuwkerk en Frits Barend voelden zich gechoqueerd. We weten inmiddels dat doping in de wielersport gemeengoed was of is. Het is verweven in de haarvaten van de sport. Het blijft twijfelachtig of de sport daar ooit los van komt.

Wij meenden echter wel, dat wielrenners leefden als topsporters: veel rusten, goed eten, het lichaam goed verzorgen en monomaan iedere dag stappen zetten om de mogelijkheid te vergroten om koersen te winnen. Drie uurtjes slapen voor een belangrijke wedstrijd? Dekker opende onze ogen.

Vele opwekkers van de schijn van inzichtelijkheid veroordeelden hem. Het was zogenaamd niet chic. Hij had geen namen mogen noemen in het boek. Zelfs de mannen in de studio van DWDD hielden live de omerta in stand: je klapt niet uit de school wat er in kleedkamers gebeurt.

Dekker wil dat jonge renners in de toekomst hun eigen keuze kunnen maken. Hij wil dat ze hun hoofd niet op hol laten brengen door verleidingen die afleiden van het fietsen. Hij wil jonge renners behoeden voor fouten die hij zelf maakte.

Frits Barend applaudisseerde. Toch geloven velen Dekkers motief niet. In de commentaren lees ik dat hij financieel wil scoren over de ruggen van zijn oud-teamgenoten. Dat laatste is vooral lachwekkend in het licht dat Dekker een relatie heeft met een gefortuneerde dame en volgens de roddelbladen een jetset leven leidt in Beverly Hills.

Thomas en Thijs deden wat ze moeten doen. Het draait namelijk niet om mannen als Michael B., Jacques H. of Steven de J. die er slecht vanaf komen in het boek. Dat zijn vervangbare individuen. Het gaat erom dat je de wielersport vooruit helpt. Dat doe je niet door te zwijgen over gedrag dat de prestatiecurve negatief beïnvloedt. Dat doe je door excessen zo gedetailleerd mogelijk te beschrijven.

Opdat we zullen huiveren en de wielersport kunnen zuiveren.

Bron: BNR

Dit bericht is gepost in Nieuws. Bookmark de link.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *