Ik las recent het nieuws en zag eigenlijk 2 berichten die me triggerden. Het ene artikel stond in de krant, het grote tekort aan leraren in het basisonderwijs. En het andere wat mijn aandacht had was de column van Jan Dirk van der Zee, de Directeur Amateurvoetbal KNVB. Vanuit Nederland Voetballand was er een delegatie vertrokken op Handelsmissie naar Australie.

In 2 columns laat van der Zee zijn licht schijnen op de ontwikkelingen en visie op sport in Australie, bekeken volgens zijn perceptie. Vooral zijn stelling om kinderen onder de 12 nog niet te laten kiezen voor 1 sport maar meerdere sporten te laten beoefenen, daar valt wat voor te zeggen.

Het probleem in Nederland om dit te realiseren lag in de Competitiestructuur (alle sporten hebben weekend competitie, dus sluiten deze mogelijkheden uit) en als 2e complicatie gaf hij aan dat het teveel geld zou kosten voor de ouders om meerdere lidmaatschappen af te nemen waardoor je kinderen uitsluit. En dat was zonde want er heerst een enorme bewegingsarmoede in Nederland tov onze eigen Ipad/Iphoneloze jeugd…

Maar als deze 2 issues zo belangrijk worden geacht door onze grote voetbalbond kunnen we inderdaad kijken naar de onmogelijke taak alle bonden op te lijnen in verschillende competitie speeldagen en een contributiepas/ alias strippenkaart… Of we kunnen de handen ineenslaan met het onderwijs. Waarvoor we geen drastische wijzigingen hoeven in te passen qua infrastructuren maar een directe win-win kunnen maken. Want als we nou gewoon als Bonden, samen met het overschot aan ROC Sport en Bewegen en de clubs daadwerkelijk 3 bewegings lesuren laten invullen. Welke gewoon kunnen vallen binnen de onderwijsuren die moeten worden gemaakt. Die worden gegeven door ROC 3e jaars/4e jaars icm Clubtrainers en Bonden en vele 55+ers die ervaringen hebben met sportlessen maar nu nog zo moeilijk aan het werk kunnen als mentor. En de basisschoolonderwijzers tijdens die 3 sporturen? Ruimte geven om tijdens die lessen de overload weg te werken, of gewoon eigen ruimte gunnen om zich te kunnen ontwikkelen.

Motivatie lerarentekort

Ik geloof namelijk niet dat er veel meer leraren komen door de beloning omhoog te stellen! Ik geloof niet dat mensen die kiezen voor dit beroep als drijfveer hebben meer te kunnen verdienen. Ik geloof dat deze jonge mannen en vrouwen er tegenop zien dat ze niet meer kunnen wat ze eigenlijk willen: De ruimte om creatief te kunnen zijn, lessen te bedenken die prikkelen. Optimaal contact hebben met de kinderen.

In plaats van de druk die maakt dat ze het protocol net op tijd kunnen afmaken, week in week uit. En hopeloos kijkend naar statistieken en taakcontroles en administratie in plaats van ”hun” kinderen te mogen zien vallen, weer helpen opstaan en zien groeien… Soms heb je een andere perceptie nodig om de win te zien. Ik geloof dat je niet meer onderwijzers moet zoeken, maar ruimte moet creeren voor je eigen onderwijzers. En als je in die ruimte ook nog eens kunt zorgen dat kinderen multi-sporten en clubs/bonden hiermee hun sport kunnen promoten, Sport en Beweeg studenten in de praktijk met meerdere sporten leren lesgeven?

Als we allemaal constateren dat kinderen te weinig meer bewegen buiten hun georganiseerde sport en onderwijzers continue overload ervaren. Misschien een open deur, en is het allang onderzocht. Ik heb alleen een nare eigenschap niet te lang te willen stoppen bij een deur die dicht is. Maar heb veel meer met samen op weg gaan om een nieuw plafond te ontdekken… En daar zou ik graag die leraren bij willen die vanuit diezelfde motivatie leraar zijn geworden. Kinderen op weg helpen naar nieuwe plafonds..

Bron: LinkedIn

Dit bericht is gepost in Nieuws. Bookmark de link.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *